Onderzoek Deloitte en Amsterdam UMC: Nieuwe data-inzichten over huizenbezit en overlevingskansen bieden perspectief voor chronisch zieken


Nieuwe inzichten, verkregen door data-analyses op basis van microdata van het Centraal Bureaus voor de Statistiek (CBS) leveren een breed perspectief op de overlevingskansen van chronische zieken. De overlevingskansen van mensen met chronische aandoeningen zijn onderzocht met als doel discussie over verzekerbaarheid van kwantitatieve input te voorzien en het effect hiervan op het kopen van een eigen woning inzichtelijk te maken. Ook is gekeken hoeveel chronisch zieken een koopwoning hebben. In beide gevallen is de vergelijking gemaakt met mensen die geen chronische aandoening hebben.

Voor dit onderzoek ontwikkelden data experts van Deloitte en onderzoekers van Amsterdam UMC (de afdeling Public and Occupational Health) een dashboard waarin op basis van geslacht, leeftijd en type aandoening een gemiddelde inschatting kan worden gemaakt van overleving. De uitkomsten van deze analyses vormen voor zowel beleidsmakers als voor verzekeraars en patiëntorganisaties een interessante basis voor de complexe maar belangrijke discussie over de verzekerbaarheid van de groeiende groep mensen met een chronische aandoening in Nederland.

Het onderzoek

In Nederland heeft meer dan 1 op de 3 mensen te maken met een chronische ziekte1. De meest voorkomende chronische aandoeningen zijn kanker, hart- en vaatziekten, chronische longziekten, diabetes en psychische aandoeningen. In 2030 heeft naar verwachting (volgens het RIVM) 40% van de Nederlandse bevolking één of meer chronische aandoeningen. Deze aandoeningen hebben ook een groot aandeel in het sterftecijfer van ons land. Zo zijn kanker en hart- en vaatziekten de doodsoorzaak in 59% van alle sterfgevallen.

Maar welke invloed heeft een chronische ziekte op de levensverwachting? Welke chronische ziekten verhogen daadwerkelijk de sterftekans? En hoeveel eerder sterven mensen met deze chronische ziekten gemiddeld genomen? De antwoorden op deze vragen zijn niet alleen interessant voor beleidsmakers, verzekeraars en artsen, maar ook voor patiënten zelf. Te vaak nemen patiënten nu niet de moeite om een levensverzekering aan te vragen.

Onderzoekers van het Deloitte’s State of the State programma en Amsterdam UMC besloten de levensverwachting van chronisch zieken te vergelijken met gezonde mensen, en hun positie op de huizenmarkt te analyseren. Zij baseren zich op historische microdata van het CBS. Deze omvangrijke betrouwbare en goed beveiligde dataset bevat op individueel niveau gegevens over alle mensen die in Nederland wonen. Omdat de onderzoekers gedetailleerde gegevens over alle Nederlanders konden analyseren, konden zij bijvoorbeeld de levensverwachting uitsplitsen naar verschillende vormen van kanker en verschillende chronische aandoeningen. Verzekeraars kunnen deze inzichten gebruiken als nadere informatie bij de beoordeling van aanvragen omtrent een ORV. De data-analyse is ook relevant voor beleidsmakers en patiëntenorganisaties die chronisch zieken willen ondersteunen.

De resultaten van het onderzoek

Uit de analyses van Deloitte en Amsterdam UMC blijkt dat mensen met / na een diagnose kanker gemiddeld niet minder huizen bezitten, maar wel dat de waarde van huis gemiddeld lager is dan van mensen zonder diagnose kanker. De verklaring hiervoor is mogelijk dat kankerpatiënten de diagnose meestal pas krijgen na het aankopen van hun eerste huis. Doorstromen naar een duurdere woning lijkt daarna lastig. Bepaalde groepen chronisch zieken (mensen met endocriene ziekten, psychische aandoeningen en aandoeningen van spierstelsel) bezitten gemiddeld genomen minder vaak een huis. Ook dit kan komen door de leeftijd waarop de aandoeningen zich voordoen. Indien een chronische ziekte op jongere leeftijd optreedt dan heeft dit financieel grotere gevolgen.

De levensverwachting van mensen na kanker en van andere chronisch zieken is gemiddeld lager dan die van de controlegroep, zo blijkt uit de data-analyses. Jaarlijks sterft gemiddeld 0,5 procent van de controlegroep met niet-zieke mensen. Bij de groep kankerpatiënten is dat percentage 4,7 procent. Als er verder wordt ingezoomd op de groep kankerpatiënten blijkt dat leeftijd, geslacht en de vorm van kanker de belangrijkste indicatoren zijn voor de sterftekans. Zo is bij bepaalde typen borst- en huidkanker de kans dat iemand binnen 10 jaar sterft veel kleiner dan wanneer iemand alvleesklierkanker of nierkanker heeft.

Ook voor de verschillende andere chronische aandoeningen konden de onderzoekers dit onderscheid maken. Zo blijkt dat voor mentale aandoeningen de 10-jaars overlevingskans bijna 85 procent is van de controlegroep. Binnen deze groep hebben vooral mensen met vasculaire dementie en een verslaving een hoger dan gemiddeld risico om te sterven binnen 10 jaar.

In dit dashboard kunt u zelf opzoeken voor alle chronische ziekten in welke mate overlevingskansen afwijken, hoeveel dit afwijkt en of deze afwijking na een aantal jaren reduceert.

Ga naar het dashboard 

Wat draagt dit onderzoek bij aan verzekerbaarheid

Het is voor het eerst dat er zo breed wordt gekeken naar de sterftekans bij verschillende chronische aandoeningen. De data-analyse laat nauwgezet zien dat zowel bij kanker als bij andere chronische aandoeningen de sterftekans erg uiteenloopt en dat bij bepaalde chronische aandoeningen de kans veel kleiner is dat iemand binnen 10 jaar sterft dan bij andere aandoeningen.

Opdrachtgever van dit onderzoek is oPuce Foundation die door middel van dit onderzoek de verzekerbaarheid van mensen met chronische aandoeningen wil verbeteren.

Verzekerbaarheid is een complex begrip, omdat het niet alleen financiële (onze focus in dit onderzoek) maar ook juridische, ethische en politieke aspecten heeft. Wij hebben in dit onderzoek een deel maar zeker niet alles hiervan geraakt. Verzekerbaarheid is voor velen essentieel. Het opent mogelijkheden op de huizenmarkt, het verkrijgen van kapitaal of de mogelijkheid om zelfstandige te worden. De bevindingen van dit onderzoek zijn daarom besproken met een groot aantal belanghebbenden waaronder patiëntenorganisaties en het Verbond van Verzekeraars.

Sinds 1 januari 2021 is in Nederland het ‘schone-lei-beleid’ van kracht. Sinds 1 januari 2021 is in Nederland het ‘schone-lei-beleid’ van kracht. Ex-kankerpatiënten hoeven hun ziekte in bepaalde gevallen 10 jaar na genezing niet meer te melden bij de verzekeraars als ze een ORV aanvragen. ”Dit betekent dat het voor hen makkelijker en goedkoper is om een overlijdensrisicoverzekering af te sluiten als zij bijvoorbeeld een hypotheek willen afsluiten. Mensen met andere chronische aandoeningen hebben deze meldplicht nog wel.