Helft vrachtwagenchauffeurs rijdt te lang door. Minister: “Verkeersveiligheid in geding”

De helft van de vrachtwagenchauffeurs overtreedt de rij- en rusttijdenwet. Zij rijden langer door dan wettelijk mag waardoor zij niet de benodigde rust krijgen. Dat blijkt uit een enquête van De Monitor in samenwerking met FNV Transport en Logistiek, CNV Vakmensen en Stichting Chauffeursnieuws onder ruim 1800 vrachtwagenchauffeurs. Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) noemt de uitkomsten heel ernstig: “Het is vooral slecht voor de verkeersveiligheid”.

Als meest voorkomende oorzaken worden genoemd: een strakke planning, op tijd bij de klant moeten zijn en een werkgever die verlangt dat er wordt doorgereden. Van de vrachtwagenchauffeurs geeft 45%  aan zich door een strakke planning onder druk te worden gezet om de voorgeschreven rijtijden te overschrijden. Zo zegt trucker Arend-Jan Gielen: “Er is veel werkdruk, geen pauzes. De planlijsten zijn dermate kort afgesteld, dat je geen tijd hebt om te stoppen.” Ook het tekort aan parkeerplaatsen in Nederland blijkt een probleem. Driekwart van de truckers zegt daardoor in de knoei te komen met zijn rij-en rusttijden. 

Acht procent truckers werkt bij bedrijf dat sjoemelt met tachograaf

In iedere vrachtwagencabine zit een tachograaf die de rij- en rusttijden registreert. Acht procent van de vrachtwagenchauffeurs werkt bij een bedrijf dat sjoemelt met dit registratiesysteem. In de helft van de gevallen wordt de (persoonlijke) bestuurderskaart die in de tachograaf gaat, verwisseld met die van een andere trucker of wordt er doorgereden zonder die kaart.

Wie met andermans bestuurderskaart rijdt begaat een economisch delict waarop hoge boetes staan. Maar de kans dat een chauffeur daarmee betrapt wordt is in Nederland niet groot, blijkt uit de cijfers. Er is een Europese handhavingsrichtlijn voor de rij- en rusttijdenwet waarin de minimumniveaus zijn vastgelegd voor controles: minimaal drie procent van de dagen die zijn gewerkt door bestuurders van voertuigen moet aan een controle worden onderworpen. Uit de meest recente cijfers (2018) blijkt dat Nederland, samen met Griekenland en Malta die norm niet haalt. Ter vergelijking: het percentage van gecontroleerde gewerkte dagen in 2015-2016 bedroeg in Frankrijk 11,9%, in Duitsland 11,4% en in Nederland 2,2%.