In de peiling!: In welke bedrijfstak is het verandervermogen het laagst? 

Uit een recent onderzoek van First Day Advisory Group en Business Fitscan  kwam naar vermogen dat het vermogen tot veranderen van Nederlandse bedrijven laag blijft laag, maar dat verzekeraars en pensioenfondsen nog lager scoren dan het gemiddelde.  Geldt dat alleen voor hen, of is het verandervermogen ook bij andere beroepsgroepen actief in de zakelijke verzekeringsmarkt aan de (te) lage kant?In welke bedrijfstak acht u het vermogen tot veranderen het laagst? We zijn benieuwd naar uw mening. Vul de poll hieronder in of ga naar de website  www.riskenbusiness.nl. Bij voorbaat dank voor uw medewerking

In welke bedrijfstak is het verandervermogen het laagst?

 Bedankt voor uw medewerking

Uitslag vorige poll: Meeste lezers achten verdergaande consolidatie  makelaars niet goed voor markt en klant!

Verdere consolidatie  in makelaarsland is goed voor de markt en de klant? Zo luidde de stelling in de vorige nieuwsbrief van Risk & Business. Aanleiding was uiteraard de begin deze week aangekondigde overname van Willis Towers Watson door Aon, nadat vorig jaar de krachtenbundeling van Marsh en JLT een feit was geworden. Gezien de vele reacties houdt de stelling veel branchegenoten bezig.

 Verreweg de meeste lezers – iets meer dan de helft (53%) van alle inzenders – gaf aan het niet eens te zijn met de stelling omdat hierdoor het aanbod en de keuzemogelijkheden voor klanten verschraalt. Ruim een derde (35%) klikte de optie aan: ‘Het maakt niets uit; de geschiedenis leert dat er bij een consolidatietrend ook nieuwe partijen zullen opstaan die in het ontstane ‘gat’ zullen springen.

Slechts een ruime drie procent was het volledig eens met de stelling en is derhalve van mening dat door consolidaties de (onderhandelings)positie van zowel de makelaar als de klant richting verzekeraars wordt versterkt. Ongeveer een zelfde percentage onderschreef de stelling ten dele en zag wel voordelen voor de klant maar niet voor de makelaars  omdat  er hierbij ‘een dusdanige dominantie van een makelaar zijn die hierdoor meer geregeld krijgt dan concullega`s. Dat riekt naar oneerlijke concurrentie’. De resterende zes procent gaf verschillende andere reacties.