Lager vertrouwen Nederlandse bevolking in centrale bank en overheid door hoge inflatie

Het vertrouwen van de Nederlandse bevolking in DNB en in de nationale politiek is gedaald. Dit wordt mede veroorzaakt door de ongekend hoge inflatie in het afgelopen jaar. Opvallend genoeg zijn er meer mensen die het terugdringen van de inflatie als een taak van de nationale politiek zien dan van centrale banken.

Het vertrouwen van de Nederlandse bevolking in zowel DNB als in de nationale politiek is vorig jaar relatief sterk gedaald. Afgelopen najaar had 66% heel veel of tamelijk veel vertrouwen in DNB en 22% in de Nederlandse politiek, vergeleken met 75% respectievelijk 42% in het voorjaar van 2021).

Hoge prijsstijgingen dragen bij aan afname vertrouwen

Hoge inflatie gaat gepaard met een daling van het vertrouwen, zo blijkt uit nieuw onderzoek. Vertrouwen hangt samen met veel factoren en in de afgelopen jaren is veel gebeurd dat vermoedelijk effect heeft op het vertrouwen van Nederlanders. Denk bijvoorbeeld aan de inval van Rusland in Oekraïne, aan de Covid-19 pandemie, en aan sterk stijgende voedselprijzen en gestegen energierekeningen. En hoewel de sterke prijsstijgingen primair zijn veroorzaakt door factoren waar centrale banken en de overheid weinig invloed op hebben, blijkt dat de hoge inflatie bij een grote groep mensen een negatief effect heeft gehad op het vertrouwen in deze autoriteiten. Van de ondervraagden heeft 66% door de inflatie minder vertrouwen in de nationale politiek en 46% minder vertrouwen in DNB. 

Hoe hoger de ervaren inflatie, hoe lager het vertrouwen

Prijsstijgingen raken mensen in hun portemonnee. Inflatie wordt in het onderzoek gemeten door te vragen naar de verandering in de kosten van boodschappen in de supermarkt en in de maandelijkse energierekening die zij ervaren. Het vertrouwen is het laagst bij consumenten die sterke prijsstijgingen ervaren bij het doen van hun dagelijkse boodschappen en bij degenen bij wie de energierekening sterk is gestegen. In het najaar van 2022 ervoer bijna drie op de tien Nederlanders een prijsstijging van hun boodschappen van meer dan 30% in een jaar tijd. Bijna een op de vijf had te maken met een stijging in de maandelijkse energierekening van 150 euro of meer. Verder zeggen veel mensen in reactie op de hoge inflatie zuiniger met geld om te gaan en minder energie te verbruiken om de energiekosten te verlagen.

Inflatie leidt tot meer stress

De hoge prijsstijgingen hebben niet alleen financiële consequenties. Een op de vijf Nederlanders ervaart door de prijsstijgingen meer stress. Mensen die stress ervaren door de inflatie hebben minder vertrouwen in centrale banken en de nationale overheid dan andere mensen. Hetzelfde geldt voor degenen die moeite hebben om financieel rond te komen en mensen die interen op spaargelden, of schulden zien ontstaan.

Meer mensen zien inflatiebestrijding als een taak van de overheid dan van centrale banken

Hoewel prijsstabiliteit een primaire verantwoordelijkheid is van DNB en andere centrale banken verenigd in het Eurosysteem is het onder controle krijgen van de inflatie mede afhankelijk van het begrotingsbeleid van overheden en de loononderhandelingen door sociale partners. Niettemin is het opvallend dat meer Nederlanders het terugdringen van de inflatie als een taak van de nationale politiek zien (73%) dan als taak van DNB of de ECB (38% respectievelijk 53%), terwijl 18% het mede als taak ziet van vakbonden en 12% van winkeliers en verkopers. Mogelijk hangt deze uitkomst samen met de hoge energieprijzen en de invoering van het prijsplafond voor gas en elektriciteit door de overheid. Duidelijk is in ieder geval dat het vertrouwen van Nederlandse burgers in een bepaalde autoriteit (de nationale politiek of DNB) lager is als zij het als de taak van deze autoriteit zien om de inflatie te bestrijden.