Ondernemersvertrouwen daalt licht begin vierde kwartaal

Het ondernemersvertrouwen is licht gedaald en komt aan het begin van het vierde kwartaal van 2023 uit op -10,1. Vooral in de bedrijfstak vervoer en opslag en de industrie verslechterde het sentiment. Daarnaast ervaren steeds meer ondernemers onvoldoende vraag als de belangrijkste belemmering. Voor 2024 verwachten ondernemers desondanks meer omzet, personeel en investeringen vergeleken met 2023. Dit melden het CBS, KVK, het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), MKB-Nederland en VNO-NCW op basis van de Conjunctuurenquête Nederland.


Vanaf eind 2021 tot eind 2022 daalde het ondernemersvertrouwen sterk. In 2023 herstelde het cijfer zich voorzichtig, maar bleef negatief. Aan het begin van het vierde kwartaal van 2023 is de stemmingsindicator toch weer licht gedaald. Het ondernemersvertrouwen ligt onder het gemiddelde van de reeks van -3,9.

Ondernemers in meeste bedrijfstakken negatiever gestemd

In vrijwel alle bedrijfstakken is het ondernemersvertrouwen aan het begin van het vierde kwartaal van 2023 negatief. Alleen ondernemers in de informatie en communicatie zijn per saldo licht positief gestemd. In deze bedrijfstak is de stemming voor het vierde kwartaal op rij verbeterd. Het vertrouwen is het sterkst gedaald binnen de vervoer en opslag en de industrie. In de verhuur en handel van onroerend goed en in de delfstoffenwinning is het ondernemersvertrouwen het sterkst gestegen, maar nog wel negatief. De stemmingsindicator is het laagst in de bouwnijverheid en de landbouw, bosbouw en visserij. Over de meeste andere indicatoren uit de enquête, waaronder de ontwikkeling van de productie en de omzet, zijn bouwondernemers echter per saldo nog positief. Wel zijn de uitkomsten hiervan over het algemeen minder positief dan in de voorgaande kwartalen van 2023.

Meer ondernemers ervaren onvoldoende vraag als voornaamste belemmering

Aan het begin van het vierde kwartaal van 2023 ervaart bijna 20% van de ondernemers onvoldoende vraag als voornaamste belemmering in de bedrijfsvoering. In dezelfde periode vorig jaar was dat nog bijna 14%. Het aandeel ondernemers die deze belemmering aangeven stijgt voor het zesde kwartaal op rij. Binnen de vervoer en opslag en de industrie zien relatief de meeste ondernemers een tekort aan vraag als voornaamste belemmering. In de bedrijfsvoering worden ondernemers echter nog altijd het meest belemmerd door een tekort aan personeel. Ruim 40% van de ondernemers geeft dit aan. Nog maar iets meer dan 9% geeft een tekort aan productiemiddelen aan tegen ruim 20% een jaar geleden. Ruim 31% ervaart geen belemmeringen.

Meer omzet, personeel en investeringen verwacht in 2024

Ondanks het negatieve ondernemersvertrouwen voor het vierde kwartaal van 2023, hebben ondernemers voor 2024 overwegend positieve verwachtingen voor de omzet, personeelssterkte en investeringen. De verwachtingen daarover verschillen niet veel met die van een jaar geleden. Per saldo ruim 17% van de ondernemers verwacht in 2024 meer om te zetten dan in 2023. Dit optimisme voor het komende jaar is hoger dan een jaar geleden, maar lager dan in de acht jaar daarvoor. Met name in de landbouw, bosbouw en visserij en de verhuur en handel van onroerend goed zijn de omzetverwachtingen gestegen vergeleken met vorig jaar.

Verder verwacht per saldo ruim 14% van de ondernemers in 2024 meer personeel te hebben dan in 2023. Dit is lager dan een jaar geleden, met name in de vervoer en opslag en de industrie. Ook verwacht per saldo ruim 4% in 2024 meer te investeren dan in 2023. Binnen de bedrijfstakken lopen de verwachtingen hierover uiteen. Zo ligt het saldo in de verhuur en handel van onroerend goed op bijna 30% en in de detailhandel op ruim 23%. Terwijl ondernemers in de landbouw, bosbouw en visserij, de bouwnijverheid en de horeca juist minder verwachten te investeren dan vorig jaar.