Onvoorzichtigheid slachtoffer ligt ten grondslag aan tweederde van alle fatale woningbranden

0

Van alle fatale woningbranden die vorig jaar plaatsvonden en waarbij in totaal 31 doden vielen, is twee derde toe te schrijven aan onvoorzichtigheid van het slachtoffer, zo blijkt uit een onderzoek van de Brandweeracademie. Onvoorzichtigheid  met roken (30%) was doodsoorzaak nummer één, gevolgd door onvoorzichtig omgaan bij het koken (15%), met (elektrische) apparaten (11%) of anderszins (7%). Kortsluiting of een defect aan een apparaat lag ten grondslag aan 15% van de fatale woningbranden. Volgens de Brandweeracademie liggen deze cijfers in lijn met die van voorgaande jaren..

De meeste fatale woningbranden zijn ontstaan in een galerijflat (37%), gevolgd door een rijtjeswoning (30%), verzorgingstehuis/wonen met zorg (15%), een vrijstaande woning (7%) of in een portiekflat, appartement of recreatiewoning  met lichte bouwconstructie. Het onderzoek toont verder aan dat 37% van de branden zijn ontstaan in de woonkamer en 22% in zowel de slaapkamer als de keuken. Van de overige branden vond 15% zijn oorsprong in andere vertrekken in de woning en was de oorzaak bij 1% onbekend. In een kwart van de gevallen (26%) kon niet worden achterhaald in welk voorwerp de brand was ontstaan. In 19% van de gevallen was dit een stoel of bank en bij 15% een bed of matras. Andere voorwerpen waarin de branden hun oorsprong vonden zijn (frituur)pan (11%), elektrische apparaten (11%), kleding/textiel (7%), meubilair (4%), en kachel (%).

De meeste fatale woningbranden ontstaan in februari (22%), gevolgd door november (19%), september/oktober (15%), januari en juli (7%), maart, april, mei, december (alle 4%) en januari (2%). Op maandag en zaterdag (beide 22%) vonden de meeste branden met dodelijke slachtoffers plaats, op vrijdag 19%, donderdag 15%, zondag 11%, donderdag 7% en woensdag 4%. Een kwart van alle fatale woningbranden (26%) vond ’s ochtends tussen twee en zes uur plaats en 19% tussen zowel zes en tien uur ‘ ochtends en tussen de twee en zes uur ‘s middags. Daarnaast ontstond 15% van de branden zowel tussen de  tien en twee uur overdag als tussen tien uur ’s avonds en twee uur ’s ochtends. De resterende 7% gebeurde tussen zes en tien uur ’s avonds.

Laat een reactie achter