Blog lectoraat Crisisbeheersing:Een megacrisis kent vele valkuilen

“De coronacrisis is om vele redenen uniek. Misschien gaan eerdere patronen en regelmatigheden dit keer wel niet op. We moeten de lat dan ook niet te hoog leggen en juist het vertrouwen in de instituties en de overheid bewaren”, bloggen Menno van Duin en Vina Wijkhuijs van het lectoraat Crisisbeheersing.  

“ Wij zitten inmiddels een aantal weken in de grootste crisis die ons land (en de wereld) in decennia gekend heeft en die ook nog een forse tijd (maanden of nog langer) zal duren. In de wetenschap wordt een dergelijke ramp wel als een ‘megacrisis’ getypeerd. Een crisis van ongekende omvang en dito doorwerking. Bij megacrises komen voorbeelden in beeld als de aanslagen van 11/9, de tsunami in Japan (2011) waarbij ook de kerncentrale van Fukushima werd getroffen en verschillende enorme natuurrampen als de recente bosbranden in Australië. Nederland heeft sinds de Tweede Wereldoorlog en de Watersnoodramp van 1953 geen dergelijke grote crisis meer gekend.

Extreme onzekerheidsfactor

De coronacrisis is een slepende crisis, die zeker een jaar of meer zal kunnen duren. Een ‘slow-burning crisis’ waarmee ons land nog lang veel te stellen zal hebben. Andere crises hebben meer een pats-boem scenario en kennen ook niet zo’n extreme onzekerheidsfactor. Feitelijk zijn wij – alleen maar even voor ons eigen land sprekend – nu een maandje bezig (sinds op 27 februari een eerste besmettingsgeval werd vastgesteld) en is er nog geen zinnig woord te zeggen over of wij nog twee (een plotseling bedwongen virus?) of twaalf maanden nodig zullen hebben. Onbekend is ook of er vele honderden of enkele duizenden doden te betreuren zullen zijn. Megacrises zijn megalastig te managen. Van belang is voldoende oog te hebben voor de volgende valkuilen. 

  • Deze crisis raakt iedereen. Zonder uitzondering heeft iedereen te maken met deze pandemie, hetzij door besmetting of vanwege de effecten en gevolgen van deze crisis. Dat betekent dat er ook heel veel verschillende personen en organisaties bij deze crisis een rol spelen of nog gaan spelen. Uit tellingen bij eerdere megacrises bleek betrokkenheid van vele duizenden organisaties en instanties. Dat vormt op zichzelf vaak al een probleem. ‘Coördinatie is de oplossing, maar tegelijkertijd ook het probleem’ bij het managen van rampen en crises. Dat zal nu niet anders zijn ondanks de moderne middelen die ons ter beschikking staan. Hebben wij voldoende zicht op de belangrijkste knelpunten en laten wij ons niet te veel leiden door degenen die het hardste roepen? Is er voldoende aandacht voor de verschillen tussen mensen en groepen en zijn de aanpak en communicatie hierop voldoende ingericht? 
  • Deze crisis is langdurig. Het feit dat deze crisis zo lang gaat duren, zal extra problemen geven. Zo zitten verschillende personen en organisaties in verschillende scenario’s van de crisis. Voor de ene organisatie begint de crisis pas, terwijl andere organisaties al weken volop in touw zijn. Het voorkomen en beperken, de voorbereiding op erger en de nafase lopen allemaal naast en door elkaar. Dat maakt het des te ingewikkelder. Daarbij vraagt de lange duur van de crisis ook van velen een lange adem. Bijvoorbeeld van de premier en andere autoriteiten die vele maanden scherp moeten zijn en langdurig voorop moeten lopen. Dat is evenzeer het geval voor al die personen in de zorg die nu collectief een ongekende inspanning leveren en veerkracht tonen, maar waarvan nu al vrijwel zeker is dat een fors deel van hen de komende weken of maanden zal instorten. Dat zal ook voor andere sectoren mogelijk gelden. Zeker is er nu al reden voor ‘grote zorgen om de zorg’, zoals iemand het kernachtig uitdrukte. Veerkracht is namelijk niet oneindig. 
  • Deze crisis stelt het vertrouwen op de proef. Studies van langer durende crises laten vaak een behoorlijk positief beeld zien van herstellend vermogen. Individuen, groepen en de samenleving als geheel blijken vaak veel schokken en trauma’s aan te kunnen. Wat we ook weten: hoe langer de crisis duurt, hoe groter de kans dat kwetsbare personen (en organisaties) zullen omvallen. Hoe sterker voor de crisis, hoe sterker (gemiddeld) na de crisis. Crises laten sociale verschillen niet verdwijnen. Integendeel: crises vergroten deze juist. Vaak start al snel na – of al tijdens – de crisis de ‘blame game’ (wie krijgt de schuld). Politisering van een crisis, zo weten wij, draagt zelden bij aan het algehele vertrouwen. Vooralsnog is het vertrouwen in de overheid heel groot, maar dat langdurig vasthouden is misschien wel de grootste uitdaging. Verwijten liggen al snel op de loer. Als mensen langere tijd verstoken blijven van voldoende bestaanszekerheid gaat dat knagen. Toezeggingen worden soms niet of uiterst traag gestand gedaan. Mensen worden van het kastje naar de muur gestuurd. De aanpak van de Groninger aardbevingscrisis is een lichtend voorbeeld van hoe het vooral niet moet. Een belangrijk risico is dus afnemend vertrouwen in de overheid en in de maatregelen die er genomen worden. Zeker als allerlei (pseudo)deskundigen er ongebreideld vragen over gaan stellen.  
  • Deze crisis is om vele redenen uniek. Misschien gaan eerdere patronen en regelmatigheden dit keer wel niet op. Deze crisis is zo uniek dat wij het algehele verwachtingspatroon niet te hoog moeten leggen. ‘Wat je zelden doet, doe je zelden goed’. Een zesje is al een mooi cijfer voor iets waarmee wij nooit eerder geconfronteerd zijn. Het feit dat in plannen over een pandemie is gesproken en er wat draaiboeken klaarlagen, betekent niet dat wij op alles voorbereid waren c.q. voorbereid konden zijn. Nog nooit heeft iemand van de werkende bevolking voor een dergelijke grote crisis gestaan. Het is dus in belangrijke mate pionieren. Structuren en processen waren dan wel bekend, maar wie rekende erop dat er zo weinig mondkapjes of testvloeistof zouden zijn? Wie had dit scenario vooraf verwacht? Wie maakte zich reeds ongerust toen de eerste signalen uit China kwamen?

Alleen met ‘the benefit of hindsight’ kunnen wij deze ontwikkelingen begrijpen. Op de vraag bijvoorbeeld waarom er niet veel meer IC-bedden zijn in ons land, kwam het (terechte) antwoord dat wij daar niet voor gekozen hebben. Allerlei noodmaterialen liggen vaak jarenlang in grote hallen opgeslagen en zijn, als ze dan een keer werkelijk nodig zijn, soms al fors verouderd. Laten wij niet nu al gaan beginnen met het zwartepieten en evalueren hoe zaken wellicht anders of beter zouden hebben gekund. Laten wij ons allen realiseren dat wij midden in een crisis zitten die alle aandacht vraagt. Juist in deze crisis is ‘schouder aan schouder’ (mits 1,5 meter onderlinge afstand natuurlijk!) nodig om de komende maanden het vertrouwen in de instituties, de overheid en elkaar te bewaren. Deskundigen, media en de politiek past bescheidenheid.  

Samenvattend:

  • Houd voldoende oog op de goede organisatiestructuren van de aanpak, inclusief de daarbij horende brede (doelgroepen)communicatie.
  • Heb oog voor (en denk dus na en bereid je voor op) de aanpak van de komende overbelasting van met name de zorg.
  • De sociale bindingen in de samenleving en tussen groepen zijn nu nog sterk; er is veel veerkracht en vertrouwen. Het is een verantwoordelijkheid van ons allen (deskundigen, media en politiek voorop) om dit vertrouwen niet onnodig en goedkoop te ondergraven.

Door Menno van Duin en Vina Wijkhuijs, Lectoraat Crisisbeheersing